Triathlon

Raceverslag: Triathlon 024 Nijmegen

Gisteren (zaterdag 15 september) stond ik aan de start van mijn eerste sprint triathlon van dit jaar. Je denkt natuurlijk, “als je langere afstanden kan volbrengen, dan moet zo’n korte toch ook lukken?”. En daar heb je gelijk in, maar toch vond ik het spannend. Hoe korter de wedstrijd, hoe hoger de intensiteit waarop je hem volbrengt. Laat die hele hoge intensiteit nou net iets zijn waarop ik de laatste tijd wat minder heb getraind. Met gezonde spanning vertrok ik richting Nijmegen. Heb je benieuwd hoe het daar ging? Lees dan hieronder verder voor mijn Raceverslag: Triathlon 024 Nijmegen.

 

 

De triathlon 024 is onderdeel van de Triathlon Series en worden vaak door heel veel mensen in hun agenda gezet. Om die reden maakt de wedstrijd gebruik van verschillende start waves. Om 10:00 uur gingen de eerste triatleten het water in. Om 14:00 uur, in de 5e en laatste serie was het mijn beurt. Het water was 18 graden waardoor ik besliste met wetsuit te zwemmen. De briefing duurde wat lang waardoor we met zijn alle slechts 3 minuten voor de start het water in konden. Ik stond op de kant, klaar om het water in te springen en zag op mijn horloge 13:58 uur. Oei, dat werd nog heel kort inzwemmen. Ik stapte het water in en voelde direct dat het erg koud was, even een borstcrawl sprintje dan maar. Ik zwom richting de start met het idee nog een paar keer op en neer te zwemmen. “Pang”, daar was zomaar ineens het startschot al. Dat was snel en onverwacht. Ik probeerde me zo snel mogelijk te herpakken, te concentreren en vollebak te gaan zwemmen. Nog helemaal koud vond ik niet direct mijn ritme maar gelukkig hoefde ik ook niet lang te zoeken. Een klein groepje met wat hele snelle zwemmers zwom weg maar die kon ik niet bijhouden. Veel harder kon ik niet want ik had een vervelende kramp in mijn linker hamstring. Voor ik het door had was ik al bij de grote boei en het keerpunt. Ik draaide rond en ging op een behoorlijk tempo terug naar waar we vandaan waren gekomen. Wat waren dit een eenzame 350 meter. Het snelle groepje was een eind weg gezwommen en ik had het idee dat er helemaal niet om me heen meer zwom. Alleen op de wereld kwam ik aan, klaar om het water uit te klimmen. Daar bleek toch nog een man in mijn slip stream mee te zijn gekomen, de eerste meters verder achter me waren behoorlijk leeg.

 

 

Het stuk lopen van het water naar de fiets in de wisselpost was behoorlijk lang, alle tijd dus om die wetsuit al grotendeels uit te doen. In de wisselzone was ik zo uit mijn broekspijpen en kon ik de fiets op. 6 rondjes van 3,3 km moesten er worden afgelegd. Meestal zijn de rondes veel langer en hoef je dus minder vaak rond, dit was weer eens wat anders. Ik zette aan om de brug over te komen en dook naar beneden, ik zocht een fijne cadans op en was in mum van tijd alweer bij de volgende heuvel. Bovenop de dijk bleek de wind behoorlijk tegen te staan. Ik paste mijn tempo erop aan maar viel niet echt stil. Weer dook ik naar beneden en zag ik daar alweer de heuvel om naar de wisselpost te gaan. “Was dit al één hele ronde?!”, “Oké, dat gaat snel”. Daarna werd het aftellen, nog 5 rondes, nog 4 rondes, nog 3 rondes, “pfoe daar werd het toch wel wat zwaarder op die heuveltjes en de dijk wind tegen”. Ik bedacht me dat het misschien verstandiger was mijn tempo iets te verlagen maar direct ook weer dat het maar een korte wedstrijd was en ik dus gewoon volle bak kon blijven gaan. Nog 2 rondes, nog 1 ronde en hop daar mocht ik de wisselpost weer in.

 

 

Ik had wel het idee dat het allemaal lekker vlot ging maar ik had geen informatie over de positie in de wedstrijd. Ik zette mijn fiets neer, trok mijn schoenen aan vertrok voor de laatste 5 kilometer. In tegenstelling tot het fietsparcours, was het loopparcours lang gerekt. Brug over, 2,5 kilometer heen, keurpunt, 2,5 kilometer terug en brug weer over. Ik besloot maar gewoon op een snel maar toch zo ontspannen mogelijk tempo te gaan lopen (geen risico’s nemen op asthma aanvallen Maartje!). Al vrij snel kwam ik de eerste man tegen, nog een man en nog een man. Het duurde best lang voor ik eindelijk een vrouw zag aan de andere kant van de weg. Ze had ‘gewone’ loopkleding aan en was helemaal droog, duidelijk iemand die meedeed in een trio. Daarna nog een vrouw, een bekende vrouw, die zat ook 100% zeker in een trio. Nog een paar mannen en daar was het keerpunt. Daar begon het vertrouwen wat te groeien, het was onmogelijk dat er een vrouw voor me liep. Iets na het keurpunt zag ik de 2e vrouw aan de andere kant van de weg. Op zo’n moment is het heel moeilijk in te schatten hoe groot die afstand is. “Was ik het keurpunt ongeveer 500 meter voorbij?”. “Lag ze dan 1 kilometer achter?”. Ik besloot dat ik maar gewoon vol door moest lopen om geen risico’s te nemen. Het werd steeds drukker aan de andere kant van de weg maar ik wist ook dat dit al behoorlijke gaten waren. Toch voelde ik een onzekerheid, ik liep dan wel mijn snelste pace van dit seizoen tot nu toe, ik was me er ook van bewust dat er vrouwen zijn die nog veel harder lopen. “Vol doorlopen Maartje, kom op, dit tempo kun je vasthouden”. Toen was daar die steek op 4km. Die linker knie voelde behoorlijk pijnlijk, zou dit dan mijn 3e runners knee worden? Het mooie tempo werd een beetje strompelig. Daar mocht ik dan eindelijk de brug over, gelukkig bleef de pijn een beetje hangen en werd het niet erger. Dit moest goed gaan komen, ik perste er nog een klein eindsprintje uit en hoorde de speaker roepen dat ik inderdaad als eerste vrouw van deze serie over de finish was gekomen.

 

 

Ik had geen idee of het genoeg was voor een over all podium, maar ik wist dat dit voor mij een goede wedstrijd was. Afgelopen jaar heb ik best wat last gehad met de juiste conditie en vorm vinden en dit voelde lekker. Uiteindelijk bleek ik 5e te zijn geworden van de 130 deelnemende vrouwen. 5e, hoe tevreden ik eerst ook was, daar kwam toch die teleurstelling. Ik wilde zo graag weer een keer op dat podium staan. Bij het bekijken van de uitslagen bleek later dat we met nummer 3, 4 en 5 binnen de 30 seconden waren gefinisht. Na het fietsen lag ik op een 2e plek maar tijdens het lopen had ik mijn plaatsen toch weer verspeeld. Hoewel dit mijn beste looponderdeel van dit seizoen was, is het nog steeds niet snel genoeg en verlies ik gewoon 2-3 minuten op mijn voorgangers. Ik ben blij dat ik mijn vorm dan nu toch eindelijk een beetje gevonden heb, over 2 weken staat er nog een sprint triathlon op het programma en dan kan ik de hele winter weer lekker gaan bouwen aan een betere vorm. Ik weet wat me te doen staat.

Benieuwd naar welke uitdagingen ik nog meer aanga? Via instagram houdt ik je dagelijks op de hoogte.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*